Hechte wijkverbanden

De meeste zorg en ondersteuning vindt plaats in de wijk. Bij de huisarts, in de apotheek, bij de fysiotherapeut, thuis of in het buurthuis. Daarom bouwen we in de regio Rijnmond aan hechte wijkverbanden.

In hechte wijkverbanden werken professionals uit de huisartsenzorg, wijkverpleging, apotheekzorg, paramedische zorg, welzijn en het sociaal domein samen rond én met inwoners. Waar nodig sluiten ook andere disciplines aan, zoals een specialist ouderengeneeskunde of arts verstandelijk gehandicapten.

Hechte wijkverbanden bouwen vooral voort op wat er al is. In veel wijken bestaan waardevolle samenwerkingen en initiatieven. Die vormen het vertrekpunt om de samenwerking sterker, duurzamer en minder afhankelijk van individuele contacten te maken.

Iedere wijk heeft zijn eigen aanpak

Geen wijk is hetzelfde. De inwoners, vraagstukken, voorzieningen en bestaande samenwerkingen verschillen. Daarom krijgt ieder hecht wijkverband een aanpak die past bij de wijk.

Professionals en inwoners kijken samen naar wat er speelt, wat er al gebeurt en waar kansen liggen om de samenwerking te versterken. Dat krijgt een plek in het wijkplan. Hierin staan de belangrijkste opgaven, ambities en afspraken voor de wijk.

In de eerste hechte wijkverbanden in Beverwaard, Kralingen Crooswijk, Krimpen aan den IJssel en het Oude Noorden doen we ervaring op met deze manier van werken. De lessen uit deze wijken gebruiken we bij de verdere ontwikkeling van hechte wijkverbanden in de hele regio Rijnmond.

Eerste aanspreekpunten verbinden de disciplines

Binnen ieder hecht wijkverband werken eerste aanspreekpunten (EAP) vanuit de verschillende disciplines samen.

Zij kennen hun eigen beroepsgroep en weten wat er binnen hun discipline speelt. Ze halen signalen, ervaringen en vragen op bij collega’s en brengen die in binnen het hecht wijkverband. Andersom delen zij ontwikkelingen, afspraken en kansen uit het wijkverband weer met hun eigen achterban.

Zo ontstaat een netwerk waarin professionals uit verschillende disciplines elkaar makkelijker vinden en beter weten wat zij voor elkaar en voor inwoners kunnen betekenen.

De eerste aanspreekpunten nemen het werk van andere professionals niet over. Zij helpen vooral om verbinding te leggen, signalen bij elkaar te brengen en samenwerking op gang te brengen waar dat nodig is.

Je hebt meer collega’s dan je denkt

In een wijk is veel kennis en expertise aanwezig. Door elkaar beter te kennen, weten professionals sneller wie iets kan betekenen voor een inwoner en wordt het makkelijker om elkaar te betrekken.

Je hoeft niet alles zelf te weten of op te lossen. Een vraag kan eerder bij welzijn of het sociaal domein terechtkomen als daar de oplossing ligt. Paramedische expertise kan worden ingezet wanneer dat passend is. En bij vragen die meerdere disciplines raken, kunnen professionals makkelijker samen optrekken.

Door vaker samen te werken groeit het vertrouwen in elkaars deskundigheid. Zo kunnen professionals inwoners gerichter begeleiden, signalen delen en beter gebruikmaken van de kennis in de wijk.

Dat zorgt voor kortere lijnen, betere afstemming en meer ruimte om te doen waar jouw expertise het meeste verschil maakt.

Wat betekent dit voor inwoners?

Voor inwoners betekent een sterker netwerk in de wijk dat zorg en ondersteuning beter op elkaar kunnen aansluiten.

Het maakt minder uit waar iemand met een vraag binnenkomt. Professionals kennen elkaar en het aanbod in de wijk beter en kunnen helpen om de juiste ondersteuning te vinden.

Daarbij kijken we breder dan alleen naar zorg. Wat kan iemand zelf? Wat kan de omgeving betekenen? Welke ondersteuning is al dichtbij beschikbaar? En waar is professionele hulp nodig?

Inwoners worden bovendien actief betrokken bij de ontwikkeling van hechte wijkverbanden. Hun ervaringen en ideeën helpen om de samenwerking in de wijk beter te laten aansluiten bij wat inwoners daadwerkelijk nodig hebben.

We leren wat werkt

De ontwikkeling van hechte wijkverbanden is een groeiproces. Samenwerking ontstaat door elkaar te kennen, ervaring op te doen, afspraken te maken en te blijven leren van wat in de praktijk werkt.

De proeftuinen vormen daarvoor de eerste basis. Stap voor stap bouwen we zo aan een netwerk waarin samenwerking rond én met inwoners steeds vanzelfsprekender wordt.